03
DEC
2017

Gedoe…Hoe pak ik dat aan?

Stel jij bent een juf of meester die graag een lieve juf of meester wil zijn voor de kinderen. Elke keer als je jezelf hoort mopperen op een bepaalde leerling, raak je gefrustreerd. Als je niet oppast krijg je het gevoel dat je geen goede juf of meester bent. Om dat gevoel niet te hoeven voelen bedenken we meestal razendsnel een oplossing. Vaak zo snel dat we het zelf niet in de gaten hebben. We maken van de leerling een ‘vervelend’, ‘dwars’ of ‘brutaal’ kind. Zo kunnen we ons beeld omhoog houden dat het niet aan ons ligt.

Waar plus is, is ook min. Dus alleen maar aardige juffen of meesters bestaan niet. Alleen maar aardige kinderen ook niet. Kinderen werken soms hard en soms ook niet, kinderen doen soms aardig en soms ook gemeen, kinderen zijn soms eerlijk en soms liegen ze (het zijn net mensen), kinderen zijn soms beleefd en soms brutaal. Maar meestal richten we ons op gewenst gedrag, dat draagt onze goedkeuring weg en raken we verstoord of geïrriteerd van niet gewenst gedrag. Sommige kinderen leren dan al snel zich aangepast te gedragen. Ze zetten dan zichzelf opzij en worden heel goed in het voldoen aan het beeld van de volwassene. Deze kinderen leren dan vooral te voldoen aan wat anderen willen, en raken het contact met wat ze zelf willen helemaal kwijt.

Er zijn ook kinderen die zich verzetten om aan een bepaald beeld te moeten voldoen. Dit kan omdat ze al snel door hebben dat ze niet aan dat beeld kunnen voldoen of omdat het beeld dat de ander heeft niet overeenkomt met wat ze eigenlijk in zich hebben.

Hoe bewust ben jij als leerkracht van je eigen ideaalbeelden? Je eigen waarden en normen? Wat jij ‘normaal’ vindt en wat ‘abnormaal’? 

Stel er gebeurt iets wat je vervelend vindt. Buiten op het schoolplein wordt er gevoetbald. Er worden

twee partijen gemaakt. Een paar fanatieke kinderen die graag willen winnen zorgen er voor dat er een sterk team staat en een beduidend minder sterk team. Het thema winnen, verliezen, tegen je verlies kunnen en sportiviteit springen eruit.

Al een paar keer zijn kinderen komen klagen dat ze het oneerlijk vinden. Hoe ga je dit aanpakken? Vertel jij de kinderen hoe ze dit moeten aanpakken of ga je dit met de klas bespreken?

Het risico is dat jij het als leerkracht gaat regelen en dat de leerlingen zelf niets hoeven te doen. Hoe zou het zijn om de leerlingen te begeleiden in het samen bedenken van oplossingen? Nog los van het feit dat de leerlingen dan met elkaar leren om een probleem op te lossen heb je ook een dikke kans dat de oplossing die er dan ontstaat duurzamer is dan de oplossing van jou als leerkracht.

Hoe pak je dat aan? Je vertelt de klas wat je hebt gehoord en gezien. Vervolgens leg je het terug in de groep. Je zou de vraag kunnen stellen: “wie van jullie snapt dat het leuk is om bij een sterk team te zitten” en “wie van jullie snapt het dat het niet leuk is om bij een zwak team te zitten”. De kans is groot dat iedereen dit snapt. Dan introduceer je het probleem. En vraag je om reacties. Elke keer als een leerling iets inbrengt, verspreid je het antwoord door de vraag te stellen: wie herkent wat X zegt. Steek je hand op. En voor wie is het anders? Wat je dan doet is dat je samen met de groep verkent wat er allemaal leeft in de groep en je verspreid de verschillende reacties in de groep. Alle kinderen doen op deze manier mee aan het gesprek. Niet alleen de kinderen die het makkelijk vinden om in een groep hun zegje te doen.

Nadat je het probleem goed verkent hebt en merkt dat er geen nieuwe dingen meer worden aangedragen ga je samen met de klas op zoek naar oplossingen. Je schrijft de verschillende ideeën die er komen op. Je vraagt de klas wat zij een goed idee vinden en waarom.

Daarna ga je met elkaar stemmen. Stel nu dat 20 leerlingen voor een bepaalde oplossing zijn. Laten we zeggen dat de oplossing is dat twee sterke spelers elk een team formeren. En er blijken 5 leerlingen niet voor dit idee te stemmen. Dan is er een meerderheidsbesluit. Meestal laten we het daar bij. In dit geval stel je aan de 5 leerlingen die liever een andere oplossing wilden: dit is wat we met elkaar hebben besloten. Jullie hadden liever iets anders gedaan. Dat is jammer voor jullie. Wat heb je nodig om met dit besluit mee te gaan. De input die dan komt noem je de wijsheid van de minderheid. die voeg je toe aan het meerderheidsbesluit. Je brengt dit opnieuw in stemming en als het goed is heb je 100% ja te pakken.

Waar het omgaat is dat de leerlingen eigenaar zijn van het proces van probleemsituatie naar oplossing. Als leerkracht stap je in de rol van begeleider en ben je niet de oplosser.

Ja dit kost tijd, daarom pleit ik ook voor een wekelijkse klassenvergadering waar je op deze manier met elkaar in gesprek kunt gaan. Waar in navolging van de missie van de groep samen situaties worden besproken die de hele klas aan gaat.

Het zal voor jou als leerkracht in het begin even wennen zijn, maar als je het in je vingers krijgt ga je er van genieten. Veel plezier!

Een verschillige groet,

Jelly.

 

 

 

 

 

 

Jelly Bijlsma
Ik ben Jelly Bijlsma. Vanuit Klasse(n)Kracht help ik scholen/leerkrachten in hun Kracht te gaan staan. Als je als school, team, leerkracht weet wie je bent, wat je dynamiek is, wat je kwaliteiten zijn, wat je missie is, kun je vanuit zelfbewustzijn Regie voeren op groepsvorming- en teamvormingsprocessen met als resultaat een Sociaal Vaardig en Sociaal Veilig Klimaat in de klas en in de school. Lees meer...
  1. Franci Reintjes Reply

    Hallo Jelly,
    In afwachting of jij een keer op onze dienst mag komen vertellen over klassenkracht zijn wij met enkele collega ambulant begeleiders, al enthousiast geworden over jouw laagdrempelige methode.
    Ik ga woensdag weer verder met een team waar ik jouw gedachtengoed uitdraag en probeer te implementeren. Ik zit vooral op leerkrachtgedrag/houding. Wat doe jij om een zo optimaal mogelijk klimaat in de klas te krijgen waar alle kinderen zich welkom, gewaardeerd en gehoord voelen? Wat gebeurd er als je, de zo fijne afspraken, laat verwateren? Deze keer wil ik een aantal basisregels/afspraken van de school, waar kinderen zoveel profijt van hebben als het goed wordt toegepast en volgehouden, de revue laten passen.
    Voorbeeld: Ik zie dat de hal weer rommeliger en drukker wordt, wie ziet dat ook zo? Wie denkt ook dat het niet fijn meer is voor de kinderen om geconcentreerd/ goed samenwerkend aan de slag te gaan in de hal? Wat zouden nu, om de continuïteit van de rust in de hal te waarborgen, ideeën/oplossingen zijn?
    Dus jouw stukje van afgelopen weekend komt heel goed van pas in dit geval…. niet in eerste instantie voor de kinderen maar voor het team….
    Ik ben benieuwd, merk dat ik door de vragen die er nu van diverse leerkrachten komen, steeds meer commitment krijg. Dat is nodig he…..

    • Jelly Bijlsma
      Jelly Bijlsma Reply

      Hoi Franci,
      Wat gaaf!!! Leuk om te horen dat je zo enthousiast bent!

      Tip voor het bespreken..hou het nog opener/neutraler: bv eerst de vraag: lukt het ons om de gang netjes te houden? Wie egt ja…en wie zegt nee…. en dan gesprek. Of:
      Op een schaal van 0 – 10 hoe goed lukt het ons om….

      En dan wat zouden we kunnen doen om een punt hoger te scoren?
      ideeën verzamelen en verspreiden
      Actief zoeken naar alternatieven (is de wijsheid van de minderheid)
      etc.

      Veel succes en wie weet tot ziens!!!

      groet, Jelly

Laat een bericht achter

*

captcha *