En hoe was de start? Heb je de groepsmissie gemaakt met de kinderen en samen de regels erbij gemaakt? En heb je ook samen met de kinderen de kwaliteiten erbij gehangen of het gedrag dat bij de regel hoort? Dan is het voorwerk gedaan en kun je aan de slag met regie voeren op de wenselijke situatie. Dat betekent: veel complimenten geven aan kinderen of situaties die een bijdrage leveren aan de groepsmissie. Geef voorbeelden van kinderen die positief gedrag laten zien, vraag ook naar voorbeelden aan de kinderen uit de groep. Kortom maak de groepsmissie levend.

Donderdag poste ik op Facebook een groepsvormingsactiviteit. Hij heet ‘op een lijn’ of ‘op een rij’. Pamela (leerkracht groep 8) reageerde op deze post. Zij doet deze werkvorm altijd aan de start van het nieuwe schooljaar om te kijken hoe de posities in de groep zijn verdeeld. Zij observeert hoe de kinderen deze opdracht uitvoeren: “Ik doe hem al 4 jaar …je ziet in een paar minuten wie een leider is ( op een negatieve of positieve manier) , wie zich ( teveel ) laat sturen ( afhankelijk opstelt) …Deze namen schrijf ik op en bespreek ik er na met de groep.Veel Kids denken dat een leider zijn, een negatieve klank heeft..maar ook dat leg je direct uit. Sommige zien dan pas voor het eerst hun leiderschapskwaliteiten…heel leuk! Daarna laat ik het filmpje van de roltrap zien..over afhankelijkheid. ..In een les van een half uur creëer je hiermee echt een sneeuwbal effect..je kunt steeds teruggrijpen naar het spel en de roltrap”. Zie voor het bedoelde filmpje de link hieronder.

https://youtu.be/e8MKgTYedns

De roltrap is een prachtig filmpje om het hele jaar door te gebruiken. Het helpt kinderen (en collega’s!!) om stil te staan bij wat ze zelf kunnen en mogen oplossen en waar ze echt hulp van een ander nodig hebben.

Grenzen verleggen

In de tweede week gaan kinderen hier en daar de grenzen verleggen. Hoe grenzen2reageer jij wanneer ze zich niet aan de afspraken houden? Laat je het lopen of spring je er boven op? In de Formingsfase zou ik je beide niet adviseren. In deze fase gaat het vooral over reflecteren met de leerlingen en het stellen van responsieve vragen. Je kunt een kind helpen zich de regels te herinneren door er verbaal of non verbaal aandacht aan te besteden. Non verbaal door bijvoorbeeld op de regel te wijzen die je in je klas hebt hangen of door een responsieve vraag te stellen. Je ziet bijvoorbeeld dat een leerling niet aan het werk is en je vraagt vervolgens hoe het komt dat hij nog niet aan het werk is. Door een vraag te stellen, corrigeer je eigenlijk het gedrag al, moet de leerling nadenken over zijn gedrag en krijg jij informatie over de redenen achter het gedrag. Deze vraag stel je niet door de klas heen. Maar bij voorkeur loop je naar de leerling toe. Een compliment geven kan door de klas heen, maar als je een leerling wilt aanspreken liever 1 : 1. Dit om te voorkomen dat de leerling het gevoel heeft dat hij afgaat t..o.v. zijn leeftijdgenoten en vindt dat dat hij zijn gezicht moet redden. Het effect kan zijn dan dat hij (of zij) brutaal reageert om daarmee aan zijn klasgenoten te laten zien dat hij dat best wel durft. En dat is precies wat je niet wil! Reflecteer dagelijks met de kinderen op de dingen die goed zijn gegaan en stel vooral de vraag hoe het komt dat het goed is gegaan en waar zouden ze aan willen werken?

Veel plezier! En voor de scholen in Midden Nederland: Maak er een mooie start van!

Een verschillige groet,

Jelly