Boris komt de klas in. Hij ziet dat Christiaan op zijn stoel zit.

“Christiaan, je zit op mijn plek. Wil je ergens anders gaan zitten”.

“Jij kan toch ook ergens anders gaan zitten?”

“Nee, ik wil op mijn eigen plek”.

“Nou, ik zit hier prima!”.

Leerkracht grijpt in: “Christiaan schiet eens op”.

“Gelukkig ben ik niet zo autistisch als jij”, mompelt Christiaan tegen Boris terwijl hij op staat en naar een andere plek toeloopt.

 

Gemeen gedrag

Ik dacht: “wat een onaardig kind…wat een naar kind eigenlijk…wat een gemeen kind”.

Dan volgt onmiddellijk de vraag: Wat zou maken dat deze leerling zo doet en waarom jezelf zo boven de ander plaatsen? Waarom zo onaardig en waarom zo gemeen?

Achter gemeen gedrag zit altijd een verhaal. Dus ook bij Christiaan. Het blijkt dat Christiaan een ernstig pest verleden heeft. Hij is nog niet zo lang op deze school en het is wel duidelijk wat het besluit geweest is van Christiaan: “Dit gaat mij niet meer overkomen, ik zorg dat ik degene ben die de dienst uitmaakt”.

Christiaan heeft een masker opgezet. Laat zijn kwetsbare kant niet meer zien en doet naar tegen iedereen die bij hem in de buurt komt, met uitzondering van 1 leerling.

 

Andere situatie, zelfde klas

Dennis komt de klas in en zegt tegen Frank:

“Je moet even je spullen bij juf A. gaan brengen”.

 

Frank reageert niet.

“Frank ga nou anders wordt de juf boos op mij”.

“Ik heb daar nu geen zin in, ik ben bezig. Zeg maar dat het mijn schuld is als ze boos wordt.

Frank gaat door met waar hij mee bezig is.

….?

 

Klasse(n)Kracht!

Het is duidelijk dat aardig voor elkaar zijn, behulpzaam zijn niet de norm van deze groep is. Het lijkt eerder op hoe negatiever hoe liever.

In het gesprek met de leerkracht blijkt dat dit maar een fractie is van wat er zich dagelijks afspeelt. Er is geen leerling die met plezier naar school gaat. Moet je je voorstellen dat je elke dag met lood in je schoenen en pijn in je buik naar school moet. “Ik weet niet hoe ik dit proces moet keren”, zegt de juf die 5 weken met deze groep werkt.

Mijn handen jeuken om de leerkracht te laten starten met de RESPECT-aanpak. Eerst de gesprekken met de kinderen. Wat willen zij eigenlijk met elkaar? Wat is hun verlangen? Hebben ze de handdoek massaal in de ring gegooid of is er nog een sprankel van verlangen?

Dan aan de slag met de missie, de doelen, de afspraken om vanuit deze heldere kaders regie te gaan voeren op het verlangen van de groep.

 

“DOESLIEF”

Herken je dit thema in jouw groep? Mogelijk niet in deze vorm, maar kleiner? Dan nodig ik je uit om met de werkvorm ‘Een fijne klasgenoot’ klasgenoot aan de slag te gaan.

Instructie: Kopieer het blad ‘een fijne klasgenoot’ naar een A3 vel (klik hier: fijne klasgenoot. Hang dit vel op het bord, en vul hem samen met de klas in. Vervolgens bespreek je de verschillende punten die op het A3 zijn met de klas.

 Variant 2: Je kopieert voor ieder kind op A4 formaat het blad ‘een fijne klasgenoot’ uit en laat hem individueel invullen. Vervolgens vul je klassikaal alsnog het A3 blad in, alleen kies je hiervoor de meest voorkomende eigenschappen/kwaliteiten.

Variant 3: Over welke eigenschap beschik jij al? Schrijf de eigenschappen op een muurblad en laat de leerlingen hun eigen naam erbij schrijven. Elke keer als je een kind ‘betrapt’ op een mooie eigenschap zet je zijn of haar naam erbij.

Variant 4:Over welke eigenschappen beschik jij al? Laat kinderen elkaar vertellen welke eigenschappen zij herkennen bij de ander.

Variant 5: Maak het wat spannender. Welke negatieve eigenschappen herkennen ze bij elkaar

Variant6: Wat wil ik leren? Welke eigenschap zou ik meer willen hebben?

 

Werkvorm

Kortom een werkvorm waar je een paar weken mee aan de slag kan. Steek vooral in op de fijne voorbeelden en wat het effect daarvan is op de sfeer in de klas. Laat weten wat het effect is! 🙂 En wil je graag meer weten over de RESPECT-aanpak en voel je dat je meer regie wilt voeren op een fijne sfeer in de klas klik dan hier.

 

Ik wens je er veel plezier mee! Zorg dat je het verschil maakt!

 

Een verschillige groet,

Jelly.